Vliegtuigcrashes

Gepubliceerd op 8 februari 2026 om 10:11

1942: AVRO Manchester L7423

Op 13 maart 1942 stegen 135 vliegtuigen op vanaf het vliegveld Scampton in Lincolnshire, Engeland. Iedere bommenwerper droeg 4.000 kilogram aan bommen met zich mee. AVRO Manchester L7423 van het 83e eskadron droeg 4 bommen van elk 1.000 kg.

Rond elf uur ’s avonds, toen het toestel eigenlijk boven Keulen had moeten zijn, raakte het gevangen in een lichtbundel van een zoeklicht in de omgeving van Horst. Sergeant Foster, de piloot, probeerde met al zijn macht het vliegtuig uit het licht te manouvreren maar dit lukte hem niet. De AVRO Manchester kwam pas echt in de problemen toen Oberleutnant Reinhold Knacke in zijn BF 110 de Engelse bommenwerper signaleerde.

 Zodra het toestel in het vizier was, opende de Oberleutnant het vuur. Het vliegtuig vatte snel vlam en Foster raakte de controle over het vliegtuig kwijt. L7423 maakte een steile duikvlucht richting Broekhuizen. Twee bemanningsleden, de gezagvoerder luitenant Bromily en de radio-telegrafist-schutter J. Dowd slaagden erin het toestel te verlaten en zichzelf met hun parachute te redden. Boven Broekhuizen sprong ook sergeant-majoor M. Thompson uit het toestel. Zijn parachute weigerde en hij viel neer naast de weg van Broekhuizen naar het kasteel. De volgende ochtend werd zijn lichaam door inwoners van Broekhuizen ontdekt.

 Vlak voor de Maas sloeg piloot Foster erin het fel brandende toestel enigszins op te trekken. Het toestel zwenkte naar links en vloog recht op Broekhuizenvorst af. Sergeant Foster kon het toestel op het laatste moment nog net genoeg optrekken en scheerde rakelings over het dorp heen. Enkele honderden meters voorbij de laatste huizen van de Zeelberg sloeg de bommenwerper neer.

De twee bemanningsleden die het brandende vliegtuig wisten te ontvluchten, werden vrijwel meteen na hun landing gevangen genomen. De vier nog overgebleven bemanningsleden, sergeant-majoor L.F. Davis, sergeant P.H. Foster, sergeant E. Rose en tweede-piloot Feirn konden het vliegtuig niet verlaten en gingen met het toestel ten onder.

Het lichaam van Luitenant Feirn werd echter nooit teruggevonden. Een graf zal luitenant Feirn nooit meer krijgen, daarom is zijn naam in Engeland vermeld op het Runneymede Memorial monument. Na de oorlog werden de andere bemanningsleden van AVRO Manchester L4723 herbegraven op de militaire begraafplaats Jonkerbos in Nijmegen.

Reinold Knacke

Oberleutnant Reinold Knacke behoorde tot een van de succesvolste nachtjagerpiloten van Fliegerhorst Venlo. Op 1 juli 1942 kreeg hij, na zijn 25e overwinning, het Ritterkreuz uitgereikt door General-Leutnant Kammhuber.Het duo Knacke-Buntrock zou samen 44 geallieerde vliegtuigen neerschieten vanuit hun BF-110.
In de nacht van 2 op 3 februari 1943 werd de BF-110 van Knacke en Bundrock geraakt door een salvo van een Engelse bommenwerper. Bundrock wist met de parachute te ontkomen. Oberleutnant Knacke stortte met zijn toestel neer en verongelukte in een weiland in de buurt van Ede. Op 6 februari 1943 werd hij op het Helden-Friedhof van het Nachtjagergeschwader 1 bij Arnhem begraven.

Naam Rang Leeftijd gesneuveld Begraven Plot
J.M. Thompson Flight Sergeant 28 13/03/1942 Nijmegen 16.G.6.
L.F.R. Davis Sergeant 33 13/03/1942 Nijmegen 16.G.7
E. Rose Sergeant 29 13/03/1942 Nijmegen 16.G.8.
P.H. Foster Pilot Sgt 21 13/03/1942 Nijmegen 16.G.9.
J.R. Feirn Pilot Officer 34 13/03/1942   onbekend

1944: Halifax NA294

In de nacht van 17 op 18 december 1944 stonden drie aanvallen op Duitsland op de planning. De steden Ulm, München en Duisburg waren doelwitten voor de bombardementen. Opeenvolgend zouden de aanvallen uitgevoerd worden.

Voor de eerste aanval stegen 330 vliegtuigen in Engeland op. Zij hadden de stad Ulm als doel. Er zou een nepaanval plaatsvinden op het Frankfurt-Mannheim-Karlsruhe gebied. De Britten slaagden erin de Duitsers te misleiden. Pas wanneer de bommenwerpers om 19.14 uur hun bommenlast op Ulm afwierpen, wisten de Duitsers waar echte aanval plaatsvond. De Duitse nachtjagers zette koers naar de positie van de aanvallers.

Voor de tweede aanval stegen 288 bommenwerpers op. Zij hadden München als doel. Deze aanval verliep erg soepel en de bommenlast werd rond 22.00 uur afgeworpen.

Voor de derde aanval stond een bombardement van Duisburg op de planning. 523 vliegtuigen stegen op. De vliegtuigen vertrokken nadat de tweede golf binnen was gekomen. Door het slechte weer werd de derde aanval enige tijd uitgesteld. Tussen 02.41 uur en 03.20 uur stegen de vliegtuigen dan eindelijk op. De bommenwerpers hadden ook deze keer weinig moeite met het bereiken van hun doel. Bij deze aanval werd er gebruik gemaakt van radar verstorende apparatuur. Veel Duitse nachtjager bevonden zich veel zuidelijk om het Von Rundstedt Offensiv, beter bekend als het Ardennenoffensief, te ondersteunen. Van deze nachtjagers hadden ze dan ook weinig last. Om 06.08 uur openden de Britten het bombardement op Duisburg. Het weer was erg slecht geworden en door de zware bewolking was het voor de bemanning moeilijk om hun doelen waar te nemen.

Zes minuten na de opening van de aanval kwamen dan toch enkele Duitse nachtjagers in actie. De Duitsers wisten drie bommenwerpers neer te halen. Luitenant Ramsauer onderschepte een Halifax ten noordoosten van Venlo en viel rond 06.30 uur aan. Na een salvo van zijn boordkanonnen zag Ramsauer de cockpit branden. W.A. Bates, de piloot van de bommenwerper, gaf iedereen het bevel het vliegtuig te verlaten. Het lukte alleen navigator Henry Wagner om uit het vliegtuig te komen omdat hij het dichtste bij het noodluik zat.

Nieuwsgierig naar zijn treffer besloot Ramsauer dichterbij de brandende bommenwerper te vliegen. De waakzame boordschutter van de Halifax had de Duitser in zijn visier. Terwijl de bommenwerper neerstortte, vuurde de hij enkele salvo af op de naderende nachtjager. Luitenant Ramsauers Messerschmitt werd geraakt en stortte samen met de Halifax neer. Ramsauer en zijn boordmarconist konden uit het vliegtuig te ontkomen. De Britten gingen met hun vliegtuig neer, alleen navigator sergeant Wagner was met zijn parachute uit het brandende toestel ontkomen. Nog voor de bommenwerper de grond raakte, ontplofte het in de lucht. De brokstukken vielen neer op de huidige Maasveldweg in Broekhuizenvorst. De lichamen van de bemanning worden door hun leden van de Royal Norfolk begraven op de hoek van de Broekstraat en de Ooijenseweg. Na de oorlog werden de militairen herbegraven op het oorlogskerkhof in Venray.

Naam Rang Leeftijd gesneuveld Begraven Plot
T. Worthington Sergeant 21 18/12/1944 Venray I.C.3
R. Thomas Sergeant 21 18/12/1944 Venray I.C.4
E. Berry Sergeant 20 18/12/1944 Venray I.C.5
W.A. Bates Warrant Officer 23 18/12/1944 Venray I.C.6
J.A. Jones Flight Sergeant 23 18/12/1944 Venray I.C.7
L.G. Roberts Flight Sergeant 21 18/12/1944 Venray I.C.8

1945: AVRO Lancaster PB569

Op 3 februari 1945 werden goede weersomstandigheden met een heldere hemel verwacht. Het Britse Bomber Command stuurde die avond 445 vliegtuigen erop uit met verschillende doelen. 210 bommenwerpers zouden de Benzol fabriek in Bottrop bombarderen. 149 Bommenwerpers van 100 Squadron moesten hun koers zetten naar de Hansa Benzol fabriek in Dortmund. Wanneer ze hun bommenlast gedropt hadden zouden ze elkaar bijna in tegenovergestelde richting passeren. De Bottrop stroom zou via het noorden terugkeren naar de basis en de Dortmund stroom via het zuiden. Naast deze twee missies werden er nog twee nep-missies uitgevoerd om Duitse nachtjagers te verwarren. Deze laatste twee zette koers richting Osnabrück en Wiesbaden. Om 17.59 uur stegen in totaal 445 vliegtuigen op vanaf de RAF basis in Grimsby (Lincolnshire).

36 minuten na het opstijgen begonnen verschillende Duitse radarsystemen rond Eindhoven te storen. Ze werden met Britse apparatuur op afstand buiten werking gesteld. Duitse nachtjagers reageerden snel en kwamen vanaf verschillende vliegvelden in actie. Vanuit een vliegveld in Twente steeg de JU88C van Hauptmann Heinz Rökker op.

Het Britse plan om nep-bombardementen in te zetten werkte en de meeste bommenwerpers bereikten hun doelen. Ze lieten hun bommenlast rond 19.35 uur vallen boven de stad en keerden terug. De nachtjagers hadden inmiddels het Britse plan in de gaten. Rond 19.50 uur viel Hauptmann Rökker een Britse bommenwerper aan. Hij vuurde een salvo met zijn boordkanonnen en het was meteen raak, de rechtervleugel van het vliegtuig vatte vlam. Rökker zag hoe de Lancaster neerstortte. De Lancaster stortte neer op de Maasveldweg in Broekhuizenvorst. De plaats van de crash was slechts enkele meters verwijderd van waar twee maanden eerder Halifax NA294 neerstortte. Britse troepen hadden onder andere op die plek mijnen gelegd tegen Duitse patrouilles die over de Maas kwamen. De inslag van het vliegtuig veroorzaakte een kettingreactie wat resulteerde in een serie explosies. Brokstukken van het vliegtuig raken over het hele veld verspreid. Zes van de acht bemanningsleden komen om het leven:

Naam Rang Leeftijd gesneuveld Begraven Plot
I.R. Osborne Pilot Officer 20 04/02/1945 Mierlo VII.A.1.
R. Ordell DFC Flight-lieutenant 24 04/02/1945 Mierlo VII.A.2.
J.G.T. Killen Warrant Officer 24 04/02/1945 Mierlo VII.A.3.
R. K. McKaskill Flight Sergeant 19 04/02/1945 Mierlo VII.A.4.
K.K. Reynolds Flight Sergeant 21 04/02/1945 Mierlo VII.A.5.
C. Scurr Sergeant 24 04/02/1945 Mierlo VII.A.6.